Nieuwsbrief rund juli 2015

 In Rund

Hittestress bij koeien

De aankomende dagen is het zeker dat uw koeien onderhevig zijn aan hittestress.

Om de gevolgen hiervan zoveel mogelijk in te perken geven wij u graag wat tips en trucs:

  • Controleer of de waterbakken voldoende druk hebben om in de extra behoefte te voorzien.
  • Bij weidegang moet de koe de schaduw op kunnen zoeken.
  • Plaats binnen ventilatoren (desnoods tijdelijk op de voergang)
  • Pas het rantsoen aan door het maisaandeel met 10% te verlagen en vervang dit door graskuil/hooi.
  • Geef 100 tot 150 gram bicarbonaat per koe per dag. Dit is wellicht verstandig voor de hele zomer.
  • Bij twijfel, dunne mest of wanneer de koe traag is kunt u A-pillen geven of eventueel drenchen. Overleg hiervoor met de dierenarts.
  • Het verjagen van vliegen kost de koe extra energie, zorg voor vliegenbestrijding.
  • De kalfkoeien temperaturen, drenchen en E-pillen geven (2 keer per dag een pil).
  • Gebruik bij problemen bij grote koppel koeien Daatox. Hiervan kunt u 25 gram per koe per dag geven. Daatox is verkrijgbaar bij uw dierenarts.

Bij hyperthermie kunt u de koe het beste afkoelen met lauw water, niet met koud water!

Toename celgetal verhoging door CNS bacteriën

In de melkveehouderij zien we een toename van runderen met een celgetal verhoging veroorzaakt door coagulase negatieve Staphylococcen (CNS). Dit is een verzamelnaam voor een groep van ongeveer vijftig ondersoorten van de Staphylococcen.

Deze groep bacteriën is op veel bedrijven aanwezig als veroorzaker van subklinische mastitis (geen ontstekingsbeeld maar wel een verhoging van het celgetal) en mastitis bij vaarzen. De kiemen zijn aanwezig op het uier, in de omgeving en in de melk. De overdracht van de kiem kan hierdoor op veel plaatsen en veel manieren gebeuren. Bedrijven die automatisch melken hebben meer kans op CNS.

Bij een besmetting is het celgetal vaak twee of drie keer hoger als normaal (150.000). Bij 10% van de dieren is het celgetal meer dan 500.000. De genezingspercentages liggen in lactatie op 50 tot 80% en in de droogstand op 85%. De CNS kiemen kunnen een bioflim om de bacterie aanmaken waardoor de antibiotica de bacterie niet bereikt en dus onvoldoende werkt. Hierdoor is een melkmonster van groot belang voor de juiste therapie en de juiste droogzetter.
Om inzicht te krijgen in de rol die deze kiem op uw bedrijf speelt is het nemen van een melkmonster bij runderen met een celgetal verhoging en vaarzenmastitis de eerste stap. De behandelingen en droogzettherapie zijn volgende stappen welke worden genomen in overleg met de dierenarts.

Preventie
De preventie van deze kiemen is een moeilijke zaak omdat ze zich overal bevinden. Behalve het vijfpuntenplan (zie de afbeelding) ter preventie en beheersing van de uiergezondheid zijn de volgende zaken van belang:

  • Gebruik leidingwater
  • Verbeter de omgevingshygiëne en denk hierbij ook aan de box hygiëne bij droge koeien met hoog dragende vaarzen, door het uitliggen van melk van besmette koeien bij het droogzetten.
  • Vliegenbestrijding
  • Voorkomen van melkzuigers

Lebmaagverplaatsing of -dilatatie

Waarom krijgen koeien een lebmaagverplaatsing?
Eigenlijk is het een abnormale vergroting van de lebmaag die door meerdere factoren kan worden veroorzaakt:

De beweging van de lebmaag en/of het legen naar de dunne darm kan verstoord zijn.Het klassieke beeld is dat 1,5-2,5 week na afkalven functieverlies optreedt. Dit slechte functioneren komt door onvoldoende opname van vluchtige vetzuren (vvz) in de pens, waardoor deze in een te grote hoeveelheid in de lebmaag terecht komen en daar ophopen en een vergroting veroorzaken van de lebmaag. De pens neemt onvoldoende vvz op door overproductie of door onvoldoende gewenning voor het afkalven aan de productie van veel vvz.

Andere oorzaken zijn te zure dunne darm inhoud, te laag calciumgehalte in het bloed, een te hoog insuline gehalte of ontstekingen van uier en baarmoeder met toxineproductie. Deze hebben alleen remmende werking op het legen van de lebmaag.

Daarnaast zijn er nog allerlei minder vaak voorkomende oorzaken zoals afsnoeren, vergroeiing, zweer of gezwel en obstipatie mogelijk als oorzaak voor slechter legen of functioneren van de lebmaag.

Het gevolg is een vergroting van de lebmaag. Naar links is er geen afsluiting,  bij een vergroting naar rechts kan door het draaien om de lengteas wel een afsluiting ontstaan.

Diagnostiek

De belangrijkste symptomen bij een lebmaagdilatatie(verplaatsing) naar links zijn:

  • verminderde eetlust
  • daling melkgift
  • ketose
  • daling pens bewegingen

Vaststellen dat de lebmaag gedilateerd is, doen we onder andere door met de stethoscoop te luisteren naar ping geluiden in de flank.

Aanvullende diagnostiek
Om een goed beeld te krijgen van de gezondheid van de koe met een lebmaagdilatatie kan bloedonderzoek gedaan worden; Hierbij zijn de bilirubine bepaling voor de leverfunctie, het calcium gehalte voor subklinische kalfziekte en bèta-hydroxy-boterzuur (bhbz) als maat voor ketose aanbevolen. Dit zijn ook de belangrijkste bepalingen bij een afkalvende koe om te controleren hoe zij door de overgang van droogstand naar verse koe lijkt te komen.
 
Veel voorkomende complicaties
We komen vaak andere aandoeningen tegen als we koeien diagnosticeren met een lebmaagdilatatie:

  • baarmoederontsteking
  • kreupelheid
  • leververvetting als gevolg van een te grote negatieve energiebalans (NEB)

Behandeling lebmaagdilatatie

In onze praktijk opereren we koeien met een verplaatsing van de lebmaag naar links het meest door middel van een laparoscopische operatie, oftewel kijkoperatie. Dit doen we bij de staande koe, hierbij maken we twee kleine sneetjes in de flank en heeft de koe weinig ongemak van de operatie. Dit geeft een hoop voordelen: de koe hoeft niet verdoofd en op de rug gelegd te worden, is snel van het probleem afgeholpen en kan weer vlot na de operatie vreten en melk produceren en die melk kan ook direct weer geleverd worden. Dit met de kanttekening dat we geen andere aandoeningen moeten behandelen met medicatie met een wachttijd voor melk.

Om de meest voorkomende complicatie, de NEB, te behandelen moet allereerst de pens weer goed gaan functioneren. Dit is alleen mogelijk als de koe voldoende smakelijk, structuurrijk ruwvoer opneemt. Hiermee komt er weer evenwicht in de pensflora/-bacteriën. Er moeten voldoende vvz geproduceerd worden, met name propionzuur dat glucogeen is (kan door de lever worden omgezet in glucose) en de voorloper is van lactose. Het extra laten groeien van melkzuur verwerkende bacteriën, die het melkzuur/lactaat van de zetmeel fermenterende bacteriën omzetten in propionzuur, kan door het geven van penspoeders, zoals Rumi Actif (dit is ook een goede pensbuffer en zet de koe aan tot extra speekselvorming). Daarnaast moet voldoende energie verstrekt worden door middel van E-pillen of propyleenglycol / glycerol en kan de glucosevorming ondersteund en leververvetting beperkt worden door Hepalac te verstrekken.
 
Prognose kijkoperatie lebmaag links:
De koeien die behandeld zijn met behulp van de kijkoperatie herstellen snel en hebben een goede prognose. In een vroeg stadium bellen om de lebmaag dilatatie te vinden is hiervoor ontzettend belangrijk. Wanneer leververvetting, pensverzuring, baarmoederontsteking etcetera de afweer en pensfunctie al langere tijd ondermijnen, is de prognose van de operatie en de kans op goed herstel van de koe duidelijk minder goed.

Preventie:
Zoals inmiddels duidelijk zal zijn is het onder controle houden van de NEB en het voorkomen en effectief behandelen van complicerende aandoeningen als subklinische kalfziekte, baarmoederontstekingen, mastitis en kreupelheden de beste methode om lebmaag dilatatie te voorkomen. Hiermee wordt voorkomen dat de pensfunctie gestoord wordt en kan de koe op een gezonde manier op een maximale melkproductie komen. Koeien die een risico lopen op het ontwikkelen van een te grote NEB kunnen preventief met een Kexxtone bolus behandeld worden, eventueel kan in afwijking op de registratie deze bolus ook verstrekt worden aan een minder goed opgestarte koe waarbij het evenwicht in de pensflora verstoord lijkt te raken.

De belangrijkste fase die goed moet verlopen is de transitiefase, waarbij de pens gewend raakt aan het grote aanbod aan vluchtige vetzuren, die bij goede gewenning aan het zetmeelaanbod voor een groot deel uit propionzuren bestaat. Pas bij twijfel over het verloop van deze transitiefase dit aan in overleg met de bedrijfsdierenarts en de voeradviseur.

Mocht u naar aanleiding van deze nieuwsbrief nog vragen hebben kunt u contact met ons opnemen

Met vriendelijke groeten,

de rundveedierenartsen.