Nieuwsbrief herkauwers

Nieuwsbrief 2021 Maïs en mycotoxinen

Momenteel is de maïsoogst weer in volle gang. Afgelopen jaren zijn wij regelmatig problemen met de pensfunctie en darmwerking tegengekomen bij melkveebedrijven, die te herleiden waren op een hoge mycotoxinendruk vanuit de gevoerde maïs. In deze nieuwsbrief geven wij u tips hoe u myxotoxines kunt voorkomen en hoe u ermee om kunt gaan. 

 

Tips om de toxinedruk laag te houden:

  • Bekijk de maïsplanten of er veel verkleuringen (rode stelen) te zien zijn
    • Vaak is dit alleen te zien in een erg klein stukje van de maïs vlak bij de oprit 
    • Haksel deze stukken niet! Hier zijn de toxinegehaltes erg hoog en deze "besmetten" de hele partij die eromheen zit. 
  • Controleer op aangetaste bladeren (bladvlekziekte).
    • Schimmels en bacteriën overleven hier gemakkelijker op de maïsplant en kunnen zo in de kuil terecht komen. 
  • Indien de hele plant wordt gehakseld, stel het snijwerk zo af dat de hakselaar de maïsplant boven de 2e knoop afsnijdt.
    • De 1e knoop is de wortelknoop en de 2e knoop zit vaak redelijk hoog. Het stuk ertussen is ook vaak rood verkleurd. 
    • De plek van de 2e knoop zit op variabele hoogte, het is dus belangrijk om enkele planten op te meten en op basis van deze gegevens het snijwerk in te stellen. 
  • Maak gebruik van een inkuilmiddel
    • Ons advies is om grover te hakselen bij een groot maïsaandeel in het rantsoen. Door een inkuilmiddel te gebruiken wordt broei voorkomen.
    • Een inkuilmiddel zal de kuil ook sneller stabiliseren zodat de conservering zo snel mogelijk kan beginnen.
    • Een toplaag van een halve meter waar het inkuilmiddel aan wordt toegevoegd. De toplaag dient tevens kort – op een lengte van 6–8 mm – gehakseld te worden, zodat de top van de maïskuil goed vast aangereden wordt.
  • In het algemeen is goed aanrijden, luchtdicht afsluiten, voldoende voersnelheid en een recht snijvlak essentieel om opwarming van de kuil te voorkomen.
  • Naast de bekende adviezen om geen broeiende of zichtbaar (door schimmel) aangetaste maïs te voeren, kan er gebruik gemaakt worden van toxinebinders tijdens het voeren. Onder andere DaaTox® Pro is een product dat ten eerste de mycotoxinen absorbeert en daarnaast de aangetaste immuniteit van de darm verbeterd. Mycotoxines hebben namelijk een immunosuppressieve werking.

Niet te lang wachten met het hakselen (de toxinen worden nu gevormd – dus hoe langer je wacht, hoe groter het risico is op hoge toxinegehaltes).

Hittestress bij koeien

Na een frisse start beginnen de temperaturen buiten nu toch echt op te lopen, daarom geven wij u graag wat informatie en adviezen over hittestress bij koeien.

Algemeen

Koeien houden van temperaturen tussen -5°C en 18°C. Bij een temperatuur van 21°C en een luchtvochtigheid van 60-80% heeft een koe al last van de warmte en kan ze in hittestress gaan. In Nederland hebben we een gematigd klimaat waarbij de luchtvochtigheid vaak hoog is. Dit zijn omstandigheden van het klimaat die een negatieve uitwerking kunnen hebben voor onze koeien. Statistisch gezien zijn in Nederland de risicomaanden van mei tot en met augustus. Hittestress kan zorgen voor een verminderde voederopname en pensverzuring met een grotere kans op melkproductiedaling, uierontsteking en klauwproblemen.

Koeien kunnen hun warmte slecht kwijt via zweet maar verliezen hun warmte voornamelijk door te hijgen. Bij het zweten verliest de koe vocht, natrium en kalium en tijdens het hijgen verliest de koe vocht en koolstofdioxide (CO2). Kalium krijgt de koe meestal voldoende binnen via het rantsoen, maar natrium is al snel een beperkende factor. Door het CO2 dat uitgeademd wordt ontstaat er een respiratoire alkalose (het bloed wordt basisch) wat de koe gaat compenseren door bicarbonaat met de urine uit te scheiden. Binnen de perken kan een koe door deze processen de balans dus weer herstellen.

Bij extreme belasting zal de koe deze balans echter niet meer kunnen herstellen. Door het verlies aan bicarbonaat via de urine en via speekselen ontstaat er een verzuring van de pens. Daarnaast wordt door de verhoogde ademhaling meer energie en tijd voor ademhaling gevraagd met als gevolg minder tijd om te vreten. De koe gaat minder vreten en zo ontstaat er een negatieve energiebalans en aanvoer van vitamine en minderalen. Er ontstaat een neerwaartse spiraal. 

Wat te doen?

Management/ huisvesting

Bij beweiding is het verstandig de koeien op hete dagen op stal te houden of ‘siëstabeweiding’ toe te passen ('s avonds en 's nachts op de weide). Indien de koeien overdag op de weide worden gelaten zijn schaduwplaatsen belangrijk. Ook direct zonlicht in de stal dient vermeden te worden door bijvoorbeeld luchtplaten en windbreekgaas.

De ventilatie op stal kan vanaf 20 °C  ingeschakeld worden (trapsgewijs). Zorg op deze manier voor voldoende luchtcirculatie in de stal.

Zorg voor voldoende en schoon drinkwater op stal of bij beweiding. Op warme dagen kan een koe tot 150 liter water nodig hebben. Controleer tevens of de waterbakken voldoende druk hebben.

Koeling van daken (met een waterinstallatie) of geïsoleerde daken is een pre. Koelen van koeien door water kan vanaf 26°C maar dan is een goede ventilatie heel belangrijk om het vocht af te voeren, anders stijgt de luchtvochtigheid rondom de koe hetgeen ongunstig is voor de warmteafvoer van de koe.

Het verjagen van vliegen kost de koe ook energie, zorg dus voor goede vliegenbestrijding.

Voeding

Meerdere keren per dag voeren om piekwarmteproductie in het dier te voorkomen en ook om de frisheid van het voer te behouden en broei/bederf te voorkomen. Belangrijk is juist om minder in plaats van meer krachtvoer te gaan voeren om de stabiliteit van de pens te behouden. Gekozen kan worden voor bijproducten met gemakkelijk verteerbare ruwe celstoffen zoals soyahullen en bietenpulp. Blijf de ruwvoeropname stimuleren door fris vers voer te verstrekken.

Om verzuring te voorkomen en het bicarbonaatverlies aan te vullen kan er gekozen worden om 150-200 gram per dier per dag natriumbicarbonaat door het rantsoen te mengen. Let wel natrium mag ter preventie van hittestress niet in de vorm van NaCl (= zout) toegevoegd worden!

Sommige bedrijven kiezen ervoor om gedurende maximaal 3 maanden in de risicoperiode Daatox bij te voeren. Dit product bevat toxinebinders en extra toevoegingen aan vitaminen en mineralen. Bij broei/bederf en verminderde voeropname van het rantsoen is dit een welkome aanvulling. Daatox is via de praktijk te verkrijgen in zakken van 25 kg. De dosering is 10 gram per dier per dag.

Let op! Hittestress werkt nog enkele dagen door na een hitteperiode. De getroffen voorzieningen moeten dus nog enkele dagen na de hitteperiode blijven voortduren! 


 

Bestrijden van vliegen en knutten

Een goede vliegenbestrijding rond en op de dieren (koeien, ouder jongvee en kalveren) komt het dierenwelzijn ten goede en geeft rust bij het melken en hanteren van de dieren. Hiermee beperkt u tevens de verspreiding van verschillende ziekten die door deze insecten worden overgedragen zoals houw, zomerwrang, blauwtong en schmallenberg.

Zeker de bestrijding van knutten is niet geheel onbelangrijk. De Royal GD heeft afgelopen winter meer afwijkende kalveren aangeboden gekregen voor pathologie in vergelijking met vorig jaar. Pathologisch onderzoek heeft bevestigd dat het bij verschillende van deze kalveren om het schmallenbergvirus ging. Tevens blijkt uit onderzoek van het Royal GD, dat de bedrijfsprevalentie van het schmallenbergvirus op rundveebedrijven van 2015 naar 2017 is verdrievoudigd (van 6% naar 18% bij melkvee, 13% naar 43% bij vleesvee). 

Het schmallenbergvirus wordt in augustus, september, oktober en begin november overgebracht door knutten. De schade wordt voornamelijk veroorzaakt na een infectie bij vroeg- en mid-drachtige naïeve dieren. Het gaat daarbij vooral om opbrekers, abortus, doodgeboorte en misvormde kalveren met een gecompliceerd geboorteverloop. Andere verschijnselen bij runderen zijn koorts, diarree en geringe tot ernstige melkproductiedaling. 

Naast het preventief en geregeld uitmesten van potstallen en algehele hygiëne levert DAC ZuidOost de volgende middelen om u te helpen in de aanpak van vliegenoverlast:

  • Auriplak® oorflappen voor pinken en droogstaande koeien (werkingsduur 4 maanden). Wachttijd vlees en melk 0 dagen
  • Spotinor® pour-on behandeling en preventie van besmetting door luizen en vliegen bij runderen. 
  • Deltanil® pour-on behandeling en preventie van besmetting door luizen en vliegen bij runderen, eventueel in combinatie met het innovatieve FARMPACK® en FLEXIBAG® doseersysteem voor eenvoudige toediening bij gebruik van een 2,5 liter zak. Wachttijd rundvee vlees- en slachtafval: 17 dagen | melk: 0 dagen.